Actinia equina

Foto: © Ron Offermans
De Paardeanemoon (Actinia equina) wordt niet zo vaak opgemerkt door de duikers. Nochtans komt hij vrij veel voor in de Oosterschelde. De reden hiervan is dat de Paardeanemoon zich vrijwel altijd in de getijdenzone ophoudt, verscholen tussen de basaltblokken, en bij laag water al zijn tentakels naar binnen trekt. Het enige dat we dan nog zien is een op een bloedklonter lijkende ronde massa.
We vinden de paardeanemoon enkel op harde ondergronden. Vaak
tussen de basalt stenen.
Meestal in het eb- en vloedgebied. Bekende vindplaatsen zijn: Nolledijk, Zoutelande,
Westkapelle, Domburg, Wissekerke, Westenschouwen, Burgsluis, Heerenkeet, Hoek
van Holland, Scheveningen, IJmuiden, Hondsbossche, Huisduinen en Terschelling.
Maar ook aan Sas van Goes, Gorishoek en Wemeldinge zijn paardeanemonen waargenomen.
De doorsnede is zelden groter dan 5 cm. De Paardeanemoon is meestal wijnrood of roestig bruin, maar kan ook olijfgroen zijn. Karakteristiek voor deze soort zijn de felblauwe zakjes, de acrorhagi, aan de basis van de tentakels. Vaak zijn deze "randzakjes" amper zichtbaar, maar wanneer ze geprikkeld worden zwellen ze op en worden uitgestulpt. De uitstulping wordt geactiveerd door andere anemonen die het territorium van de paardeanemoon binnendringen. Deze blauwe zakjes zijn gevuld met sterke netelcellen. Met dit afweermechanisme kan de Paardeanemoon zich afweren tegen zijn belagers. De acrorchagi bevatten dezelfde soort netelkapsels die in vechttentakels overheersen. (Vechttentakels worden vaak waargenomen bij golfbrekeranemonen).
De Paardeanemoon (Actinia equina) wordt niet zo vaak opgemerkt door de duikers. Nochtans komt hij vrij veel voor in de Oosterschelde. De reden hiervan is dat de Paardeanemoon zich vrijwel altijd in de getijdenzone ophoudt, verscholen tussen de basaltblokken, en bij laag water al zijn tentakels naar binnen trekt. Het enige dat we dan nog zien is een op een bloedklonter lijkende ronde massa.
We vinden de paardeanemoon enkel op harde ondergronden. Vaak
tussen de basalt stenen.
Meestal in het eb- en vloedgebied. Bekende vindplaatsen zijn: Nolledijk, Zoutelande,
Westkapelle, Domburg, Wissekerke, Westenschouwen, Burgsluis, Heerenkeet, Hoek
van Holland, Scheveningen, IJmuiden, Hondsbossche, Huisduinen en Terschelling.
Maar ook aan Sas van Goes, Gorishoek en Wemeldinge zijn paardeanemonen waargenomen.
De doorsnede is zelden groter dan 5 cm. De Paardeanemoon is meestal wijnrood of roestig bruin, maar kan ook olijfgroen zijn. Karakteristiek voor deze soort zijn de felblauwe zakjes, de acrorhagi, aan de basis van de tentakels. Vaak zijn deze "randzakjes" amper zichtbaar, maar wanneer ze geprikkeld worden zwellen ze op en worden uitgestulpt. De uitstulping wordt geactiveerd door andere anemonen die het territorium van de paardeanemoon binnendringen. Deze blauwe zakjes zijn gevuld met sterke netelcellen. Met dit afweermechanisme kan de Paardeanemoon zich afweren tegen zijn belagers. De acrorchagi bevatten dezelfde soort netelkapsels die in vechttentakels overheersen. (Vechttentakels worden vaak waargenomen bij golfbrekeranemonen).
Copyright © 2000 - 2006 www.seamasters.be
The SeaMasters vzw - RPR 0451.302.002